salonanarchist | leunstoelactivist

Tewerkstelling: hoe werklozen werden ingezet bij de aanleg van onze fietspaden

Op diverse plaatsen in het land worden door werklozen rijwielpaden aangelegd. De gemeenschap mag gerust een hartelijk „dank je” terugzeggen!, aldus een fotobijschrift in Het Vrije Volk uit 1953. De tekst staat bij een foto waarop mannen met een schop werken aan een fietspad.

Een tijdje terug fietste ik van de Heuvelrug naar Soesterberg. Onderweg kwam ik een monument tegen ter herinnering aan de activiteiten van de Rijwielpadvereniging Utrecht met Omstreken (U.M.O.). Ik had er nooit zo bij stilgestaan hoe onze fietspaden zijn ontstaan. Nieuwsgierig geworden ging ik op zoek naar informatie en zo stuitte ik ook op de rol van de tewerkstelling.

Rijwielpadverenigingen

De eerste fietspaden werden eind 19e eeuw aangelegd en in 1906 werd voor het eerst een vereniging opgericht die zich hier specifiek mee bezighield: Vereniging Het Fietspad in Meppel. In 1950 waren er tien regionale Rijwielpadverenigingen die samen zo’n 2.000 kilometer aan recreatieve fietspaden beheerden, aldus het boekje Fiets en geniet! van de A.N.W.B. (ter vergelijking: vandaag de dag is er bijna 35.000 kilometer aan fietspaden, maar dat is inclusief niet-toeristische fietspaden).

De leden van deze verenigingen gingen waarschijnlijk niet zelf met een schop de natuur in, maar ze brachten wel geld bij elkaar. Neem Het Drentsche Rijwielpad, opgericht in 1916. Binnen een half jaar had de vereniging 7.000 leden die elk 50 cent contributie per jaar betaalden. Begunstigers betaalden tenminste ƒ1 (Simons 1990).

Bestuurlijke elite

De Rijwielpadverenigingen hadden vaak nauwe banden met de bestuurlijke elite. Het Drentsche Rijwielpad had de Commissaris der Koningin als beschermheer; andere verenigingen hadden een burgemeester als voorzitter. In 1948 beschreef De Kampioen, het blad van de A.N.W.B., hoe een plaatselijke vereniging functioneert:

Deze vereniging werkt nauw samen met het gemeentebestuur. Inkomsten geniet de vereniging uit de burgerij, van belanghebbende fabrieken, winkeliers etc. en tevens is het zaak, dat de gemeente bijdraagt.

Een belangrijk motief voor de overheid en de middenstand om mee te betalen was dat fietspaden toeristen aantrokken.

De rol van de overheid nam sterk toe door de inzet van werklozen. In 1925 werd al geschreven over een werkverschaffingsproject van de gemeente Vlagtwedde waarbij een fietspad werd aangelegd van Sellingen naar Terapel-kanaal. De werklozen hadden het werk neergelegd - volgens kranten onder druk van stakende veenarbeiders.

Appeltje voor de dorst

Vanaf de jaren dertig gingen werklozen een grotere rol spelen bij de aanleg van fietspaden. De aanleg van fietspaden werd hierdoor afhankelijk van de economische conjunctuur. De Kampioen schreef in 1948:

De rijksdienst voor het Nationale Plan heeft neiging de aanleg van zeer grote werken als een „appeltje voor de dorst” naar tijden van depressie te verschuiven. En daar valt eigenlijk niets tegen in te brengen, want een groot deel der paden van de rijwielpadverenigingen is in de crisisjaren door werklozen aangelegd.

De lezer zal een min of meer hoorbare zucht slaken en opmerken, dat er dus weinig perspectief in die rijwielpaden zit.

Maar in de jaren vijftig kwam er opnieuw schot in de zaak, in ieder geval in Drenthe. «Het was weer de sterk toegenomen werkloosheid waardoor een opening werd geboden», aldus geschiedschrijver W.J. Simons.

Bloedende handen

Het lijkt verstandig Keynesiaans beleid om tijdens recessies te investeren in infrastructuur en zo banen te creëren. Maar hoe zat het met de arbeidsrechten van de tewerkgestelde werklozen? Over de specifieke omstandigheden bij de aanleg van fietspaden heb ik niet zoveel kunnen vinden, maar wel over de tewerkstelling in bredere zin.

Een bekend voorbeeld van werkverschaffing was de aanleg van het Amsterdamse Bos. Daar werd 37 kilometer fietspad aangelegd, maar de grootste klus was het uitgraven van de roeibaan. In een terugblik schreef De Waarheid over mensonterende toestanden, opzichters die zich gedroegen als slavendrijvers en slechte arbeidsomstandigheden:

Bloedende handen in de vrieskou waren een regelmatig terugkerend beeld. Soms gebeurde het dat ploegen nauwelijks hun steunbedrag haalden wegens kapotte, opengebarsten handen.

Volgens de Waarheid zwegen de meeste kranten over de misstanden. Wat uiteindelijk wel naar buiten kwam, was dat veel werklozen minder verdienden dan hun steunuitkering, terwijl ze door hun werk ook nog eens hogere kosten hadden. Na bemiddeling van de vakcentrales werd het loon iets verhoogd.

Oosterpark

Begin jaren vijftig meldde het bestuur van Rijwielpadvereniging Gooi- en Eemland dat het te lage lonen betaalde (waarschijnlijk ging het om reguliere arbeiders en niet om de werkverschaffing). Het is onduidelijk wat de achtergrond was: vond men de lonen onrechtvaardig? Of had men moeite om voldoende arbeiders te vinden voor het geboden loon?

Over de opvattingen van de politiek is meer te vinden. Op 26 februari 1935 vergaderde de Groningse gemeenteraad over de voltooiing van het Oosterpark, waarbij zijdelings ook de aanleg van fietspaden ter sprake kwam. Het verslag in het Nieuwsblad van het Noorden geeft een fascinerend beeld van de standpunten over de tewerkstelling.

Het Rijk was bereid om mee te betalen, maar op basis van een minimum-uurloon van 35 cent en een vergoeding voor regenverlet van 33 cent. Als het weekloon lager uit zou vallen dan de steunuitkering, kon dit worden aangevuld. Voor de sociaal-democraten waren deze arbeidsvoorwaarden onacceptabel. Raadslid Polling:

Welk gevoel moeten de arbeiders later hebben, als zij door het mooie park wandelen, dat zij hebben aangelegd, terwijl zij in diepe ellende waren gedompeld. […] Wij hebben willen meewerken tot het plan, wanneer er eenigszins redelijke loonen zouden worden betaald. Maar als de Minister dergelijke loonen bepaalt, dan moet het park maar park blijven. Spr. weigert medewerking aan de tot standkoming van het park, wanneer dat moet geschieden onder deze ellendige omstandigheden.

Het rechtvaardigheidsgevoel van de sociaal-democraten botste met het moralisme van de vrijzinnig-democraten:

De heer PLAAT (v.d.) vermoedt, dat de arbeider, die later door het park zal loopen, zal denken: „Was ik maar aan het werk”. STEMMEN: — Ja, ja

De heer KROL [vrijzinnig-democraten] wijst er op, dat hij steeds voor verschillende werken in werkverschaffing is geweest. Alles is beter dan de demoraliseerende invloed van het rondloopen. Spr. wijst op rijwielpaden aan den Paterswoldscheweg.

De heer GASAU [sociaal-democraten] noemt het huilen met krokodillentranen, wanneer men het jammer vindt, als deze voordracht door de sociaal-democraten wordt verworpen. Spr.’s fractie is nog niet zoo ver, dat zij tot elken prijs in werkverschaffing wil laten uitvoeren. Dat wordt op den duur funest, niet alleen voor de arbeiders, doch ook voor de koopkracht van de stad.

Uiteindelijk werd het voorstel aangenomen met tegenstemmen van de sociaal-democraten en de communisten.

Dienstweigeraars

Maar de tijden veranderden. In 1953 maakte democratisch-socialistisch dagblad Het Vrije Volk een reportage over de werkverschaffing, onder meer bij de aanleg van fietspaden. Het rechtvaardigheidsgevoel van de Groningse sociaal-democraten had plaatsgemaakt voor het paternalistische woordgebruik dat we ook kennen van de hedendaagse tewerkstellingsprojecten, die bijkans worden voorgesteld als een gunst aan de werklozen. Dat de tewerkstelling ondertussen ten koste gaat van reguliere banen, daar moesten we maar niet al te moeilijk over doen, aldus het Vrije Volk.

Er zijn nog pogingen gedaan om ook anderen dan werklozen te werk te stellen bij het onderhoud van fietspaden, maar dat lijkt geen groot succes te zijn geworden. Dienstweigeraars bijvoorbeeld saboteerden het werk en gingen in staking.

Een geval apart is de gemeente Venray, die inwoners dreigde met tewerkstelling als ze hun gemeentebelasting niet betaalden. Zes inwoners werden daadwerkelijk ingezet bij werkzaamheden aan fietspaden. Eén van hen deed aangifte bij de rijkspolitie wegens het ontbreken van onder meer wc’s, wasgelegenheden en een verbandtrommel.

Wortels

Elke fietser ergert zich waarschijnlijk wel eens aan een slecht onderhouden fietspad. De A.N.W.B. schreef hierover in Fiets en geniet!:

Alleen als het pad verwaarloosd is, als er overal mulle plekken in zitten of omhoog groeiende wortels van bomen, merken we, en hóe, dat we ons op een pad bevinden, dat met veel moeite en kosten moest worden aangelegd en onderhouden.

De A.N.W.B. vroeg terecht aandacht voor de arbeid van de rijwielpadverenigingen. Dit kan worden aangevuld met de boeren die bereid waren gratis materialen te vervoeren, buitenlandse studenten die in Zeeland aan het werk gingen, en zeker niet in de laatste plaats de werklozen die honderden kilometers fietspad hebben aangelegd.

Maar daarnaast sta ik graag stil bij de Groningse gemeenteraadsleden die weigerden mee te werken aan de uitholling van arbeidsrechten in de werkverschaffing. Hedendaagse gemeentebesturen kunnen hier een voorbeeld aan nemen.

Nu ik toch het een en ander heb uitgezocht over de rijwielpadverenigingen, heb ik er ook maar een Wikipediapagina over gemaakt. Wie weet heeft iemand nog aanvullingen.

Bronnen

A.N.W.B. (1950). Fiets en geniet! Samengesteld door de Kon. Ned. Toeristenbond A.N.W.B. Uitgave van de Federatie van Ned. Rijwielpadverenigingen.

W.J. Simons (1990). Daar fietst men toch zo heerlijk heen. Stichting Het Drentse Fietspad.

Tags: 

Amsterdamse raadsleden stellen vooral vragen over stadsdeel Centrum

De gemeenteraad heeft een vernieuwde website met raadsinformatie (via AT5) waar je bijvoorbeeld op kan zoeken hoe raadsleden hebben gestemd, welke moties en amendementen ze hebben ingediend en welke vragen ze hebben gesteld. De belofte van open raadsinformatie is hiermee nog niet ingelost,[1] maar je kan er wel wat mee. Bijvoorbeeld: nagaan welke straten worden genoemd in raadsvragen (er zitten een paar haken en ogen aan, zie hieronder Methode).

Het kaartje laat zien welke straten zijn genoemd in raadsvragen. Vooral het centrum staat in de belangstelling. Het gebied buiten de ring krijgt weinig aandacht en dat geldt ook voor grote delen van Noord en Oost. De grafiek hieronder laat de aantallen per stadsdeel zien, waarbij ik heb gecorrigeerd voor het aantal inwoners.

Het beeld is duidelijk: straten in stadsdeel Centrum worden het vaakst genoemd. Relatief gezien zelfs bijna tien keer zo vaak als straten in Zuidoost, het stadsdeel dat het minste aandacht lijkt te krijgen van de gemeenteraad.

Is dat erg? Aan de ene kant komen veel Amsterdammers wel eens in het centrum en hebben ze een mening over wat daar gebeurt. Dus is het logisch dat gemeenteraadsleden wat meer aandacht hebben voor stadsdeel Centrum dan voor de rest van de stad. Aan de andere kant is het verschil wel groot en spelen er buiten het centrum ook zaken die de aandacht verdienen - denk bijvoorbeeld aan gentrification, etnisch profileren of fijnstof.

Type hieronder enkele letters om te kijken of de gemeenteraad vragen heeft gesteld over jouw straat (werkt niet met iOS / Safari, sorry).

Methode

Informatie over raadsvragen heb ik gedownload van de website van de gemeenteraad. Straatnamen heb ik uit dit bestand van de gemeente gehaald. Vervolgens heb ik gecheckt hoe vaak de straatnamen voorkomen in de tekst van raadsvragen. In de bijna 1.200 vragen wordt ruim 750 keer een straatnaam genoemd.

Sommige straatnamen heb ik buiten beschouwing gelaten. Amstel bijvoorbeeld, omdat dit het adres van de gemeente is dat altijd vermeld wordt. Daarnaast de straatnamen Samenwerking, Overleg, Inzet, Vertrouwen, Brink, Rusland. Even goed kan het voorkomen dat een woord wordt herkend als straatnaam terwijl er eigenlijk iets anders mee wordt bedoeld (bijvoorbeeld de naam Overtoom). Daarnaast zullen er ongetwijfeld ook vragen worden gesteld over lokaties zonder dat daarbij een straatnaam wordt genoemd.

Een ander praktisch punt is dat de tekst meestal zowel de vraag als de beantwoording bevat. Het kan daarom voorkomen dat een straatnaam niet wordt genoemd in de oorspronkelijke vraag, maar toch wordt meegeteld, omdat hij wordt genoemd in het antwoord op de vraag.

De coördinaten van de straten heb ik opgezocht met de Bing Maps api.


  1. Op initiatief van raadslid Zeeger Ernsting heeft de gemeenteraad besloten dat raadsinformatie beschikbaar moet komen als open data. Dat betekent dat je per raadslid bijvoorbeeld kan opzoeken wat ze gestemd hebben, maar ook dat die informatie beschikbaar komt in een vorm die je eenvoudig geautomatiseerd kan doorzoeken en analyseren. Dat laatste is nog niet het geval. Zo valt bij moties en vragen niet op een eenduidige manier te achterhalen wie de indiener was. Ook valt het stemgedrag van raadsleden niet eenduidig te koppelen aan de tekst van het voorstel waarover is gestemd. Informatie over moties en amendementen kan je downloaden als Excelbestand, maar het verwerken van die gegevens is (nog steeds) een hachelijk avontuur. De gemeente heeft afgelopen november laten weten dat de open raadsinformatie per september 2017 beschikbaar komt.  ↩

Het meest irritante verkeerslicht staat op de Middenweg

Rode en oranje stippen laten zien waar irritante verkeerslichten staan. Als er opmerkingen over het verkeerslicht zijn gemaakt is de stip rood. Klik op een rode stip of type hieronder enkele letters om de opmerkingen over een bepaald kruispunt te bekijken.

Het meest irritante verkeerslicht staat op de kruising van de Middenweg en de Wembleylaan in de Watergraafsmeer, zo blijkt uit een poll onder fietsers in Amsterdam. De Amsterdamse afdeling van de Fietsersbond noemt de top–10 van irritante verkeerslichten in een reactie ‘herkenbaar’. De organisatie heeft in het verleden al aan de bel getrokken over deze kruispunten.

Opvallend veel fietsers hebben de moeite genomen om hun keus toe te lichten, wat een schat aan informatie oplevert. Daaruit blijkt dat ze zich niet alleen ergeren aan de lange wachttijden, maar dat ze zich ook zorgen maken over de veiligheid, vooral op plekken waar veel (school-) kinderen moeten oversteken. Sommige fietsers houden even goed de moed erin: Genoeg tijd voor een espresso daar!!.

De top–10 is als volgt:

  1. Middenweg / Wembleylaan
  2. Amstelveenseweg / Zeilstraat
  3. Middenweg / Veeteeltstraat
  4. Rozengracht / Marnixstraat
  5. Meer en Vaart / Cornelis Lelylaan Nz
  6. IJburglaan / Zuiderzeeweg
  7. mr Treublaan / Weesperzijde
  8. Frederiksplein / Westeinde
  9. Nassauplein / Haarlemmerweg
  10. Van Eesterenlaan / Fred Petterbaan

Soms gaat het om routes waar de gemeente vrij baan geeft aan auto’s, ten koste van fietsers en voetgangers. Maar fietsers staan ook vaak voor rood licht terwijl er helemaal geen verkeer is. Wellicht komt dit doordat er bezuinigd is op het onderhoud van de lussen die zorgen dat fietsers worden gedetecteerd.

Er zijn flink wat klachten over auto’s die door het rood rijden (levensgevaarlijk!) of die het kruispunt blokkeren. Verder is niet iedereen tevreden met kruispunten waar alle fietsers tegelijk groen krijgen. Dit is handig als je linksaf moet omdat je dan in één keer door kan fietsen, maar het kan ook voor chaos zorgen.

De Fietsersbond vindt dat er bij de afstelling van verkeerslichten meer rekening moet worden gehouden met de belangen van fietsers en voetgangers. Uit onderzoek van DTV consultants blijkt dat het beter afstellen van verkeerslichten een eenvoudige en goedkope manier is om de doorstroming van fietsers te bevorderen en dat dit bovendien goed is voor de veiligheid.

Aanleiding voor de poll was een analyse van cijfers van de Fietstelweek, waaruit blijkt dat fietsers bij sommige verkeerslichten in Amsterdam gemiddeld meer dan 30 seconden verliezen.

Dank aan de Fietsersbond en aan Eric Plankeel voor inhoudelijke input, aan alle fietsers die hebben gestemd en vooral ook aan degenen die hun keuze hebben toegelicht. Meer over het meest irritante kruispunt in het Parool

Tags: 

Rood licht voor fietsers

In 2006 kozen Amsterdammers het Frederiksplein als de plek met het meest irritante verkeerslicht. Nu, tien jaar later, bieden de cijfers van de Fietstelweek een unieke kans om in kaart te brengen hoeveel tijd fietsers kwijt zijn bij stoplichten. Het resultaat zie je hierboven. De kaart laat nog heel wat rode stippen zien - plekken waar fietsers gemiddeld meer dan 30 seconden verliezen.

Sommige van die knelpunten stonden in 2006 al in de top–10 van irritante verkeerslichten, waaronder de toenmalige ‘winnaar’, het Frederiksplein. En veel rode stippen zijn onderdeel van het Plusnet Fiets, waar de gemeente streeft naar een gemiddelde verliestijd voor fietsers van maximaal 20 of 30 seconden.[1]

De waarnemingen geven een eerste indruk. Om precies te weten wat er aan de hand is zou je per kruispunt de situatie moeten analyseren. Op enkele plekken is een gemiddelde vertraging van meer dan twee minuten gemeten; wellicht is daar meer aan de hand dan alleen een vervelend verkeerslicht.

De gegevens van de Fietstelweek zijn verzameld in september. Sindsdien zal de situatie op sommige plekken veranderd zijn. Een goed voorbeeld is het Muntplein, waar je momenteel best vlot door kan fietsen - met dank aan wethouder Litjens. Een verandering die al was doorgevoerd voor de Fietstelweek is het uitzetten van de verkeerslichten op het Alexanderplein. En dat zie je: alleen maar groene stippen.

De Fietsersbond wil dat verkeerslichten beter worden afgesteld. Uit onderzoek blijkt dat dit een «zeer effectieve en bovendien relatief eenvoudige en goedkope manier [is] om snel(ler) door de stad fietsen mogelijk te maken». Maar het gaat niet alleen om technische aanpassingen; in het toekomstige beleid moeten ‘radicale keuzes’ worden gemaakt voor fiets- en voetgangersverkeer om te voorkomen dat de stad vastloopt.

Dit leek me een goede aanleiding om opnieuw een verkiezing te organiseren. Klik hier om je stem uit te brengen op het meest irritante verkeerslicht van Amsterdam - editie 2016.

Methode

De Fietstelweek is een initiatief van de Fietsersbond en een aantal adviesbureaus en onderzoeksinstellingen. Ruim 40.000 fietsers hebben in de week van 19 tot en met 25 september 2016 met een app op hun smartphone hun lokatie beschikbaar gesteld. De gegevens van de Fietstelweek zijn voor niet-commerciële doeleinden beschikbaar gesteld (dank!) onder de voorwaarde dat afgeleide producten ook als open data beschikbaar worden gesteld. De bewerkte gegevens van mijn analyse vind je hier en de code voor het verwerken van de gegevens hier en hier.

De gegevens van de Fietstelweek zijn beschikbaar in de vorm van routes, links (intensiteiten en snelheden) en knopen (vertragingen). De dataset met knopen bevat een variabele tijd. Dit is de vertraging over het traject van 50m voor tot 50m na dat punt, ten opzichte van de tijd die de fietser normaal over 100m zou doen (met dank aan Dirk Bussche van NHTV Breda university of Applied Sciences voor een toelichting op de gebruikte methode).

Er zijn gegevens beschikbaar over ruim 750.000 knopen. Ik heb ze in drie stappen gefilterd: alleen knopen in een vierkant rond Amsterdam; alleen knopen in de buurt van een verkeerslicht en alleen knopen met minstens 50 waarnemingen. Dit leverde 1.845 knopen op met totaal bijna 400.000 waarnemingen. Voor details over het filteren zie de scripts.

Gegevens over verkeerslichten zijn afkomstig van de gemeente.

Ik heb zelf overigens niet meegedaan aan de Fietstelweek. Daar heb ik nu wel een beetje spijt van. Volgende keer beter.


  1. De gemeente hanteert als voorwaarde dat de gemiddelde wachttijd voor fietsers, gemeten op het drukste uur, niet meer dan 45 seconden mag zijn. Op het Plusnet Fiets geldt daarnaast een wenselijke maximale verliestijd van 20 seconden bij drukke oversteken en anders 30 seconden. De verliestijd is de wachttijd plus de ‘afrem- en optrekvertraging’. Dit zijn althans de uitgangspunten van de concept Afwegingsleidraad Verkeersnetten Amsterdam, een bijlage bij het nieuwe Beleidskader Verkeersnetten dat begin volgend jaar wordt vastgesteld.  ↩

Tussenstand internetconsultatie: ‘Alle fietspaden scootervrij’

[Dit artikel is bijgewerkt op 7 januari 2017] - Er is de afgelopen jaren flink actie gevoerd voor scootervrije fietspaden. Het voorlopige resultaat: gemeenten mogen binnenkort scooterrijders verplichten om op de rijbaan te rijden, met een helm op. Er is wel een adder onder het gras: gemeenten moeten straks per fietspad of stelsel van fietspaden besluiten of ze scootervrij worden, onderbouwd met argumenten. De Fietsersbond vreest voor chaos.

De regel is nog niet definitief vastgesteld en burgers konden tot en met 6 januari hun mening geven via een internetconsultatie. Er zijn 1.132 openbare reacties ingediend (waarvan 912 uit Amsterdam). Dat is best veel. Sinds 2010 zijn er 728 internetconsultaties geweest en daarop kwamen gemiddeld 43 openbare reacties. Slechts 5 consultaties kregen meer reacties dan de consultatie over scootervrije fietspaden.

In de grafiek zie je het effect van een bericht op de website van AT5 op 16 december en vooral ook van het opinieartikel van Zeeger Ernsting en Jan-Bert Vroege in het Parool op 3 januari. Daarnaast hebben Fietsersbond, Milieudefensie, scooterverkopers en anderen hun achterban opgeroepen om te reageren, maar die initiatieven lijken minder duidelijk aan een bepaalde datum gebonden te zijn.

Maar hoe analyseer je de inhoud van al die reacties? Neem de consultatie over de intrekking van de Zondagswet, een van de populairste consultaties ooit. De overheid heeft een verslag gemaakt waarin de reacties worden uitgesplitst naar burgers en organisaties, naar voor- en tegenstanders en naar de argumenten die ze gebruiken. De enige manier waarop je dat kan doen is door de reacties stuk voor stuk zorgvuldig door te lezen en te categoriseren. Dat is een gigantische klus en dat ga ik dus niet doen.

Een veel simpelere manier is tellen welke woorden het vaakst worden gebruikt, nadat je eerst de stopwoorden zoals de, en, en van hebt verwijderd (en de hoofdletters hebt vervangen door onderkast). Voor de scooterconsultatie kom je dan op fietspad(en), alle, snorfietsen, scooters. Dat schiet niet op.

Een variant is om te kijken naar combinaties van woorden, opnieuw nadat stopwoorden uit de tekst zijn gefilterd. Ik heb gekeken naar combinaties van twee opeenvolgende woorden, zogenaamde bigrams. Verreweg de meestvoorkomende combinatie is alle fietspaden; deze combinatie komt in de reacties 140 keer voor. Bijna allemaal zijn dit mensen die vinden dat alle fietspaden scootervrij moeten worden. Bijvoorbeeld:

Graag ALLE fietspaden binnen de ring scootervrij! Helmplicht overal! Ze rijden te hard en er is geen handhaving op snelheid. Dank u wel!

Bijna alle fietspaden in Amsterdam zijn drukke fietspaden. Het is onzinnig per stukje straat te gaan bepalen of daar wel/niet scooters op mogen. Dus: alle fietspaden binnen de ring (muv Noord) scootervrij! Helderheid voor fietser en voor scooterrijders.

Het zou zeer prettig zijn om de snorscooters van alle fietspaden af te halen. Dit maakt het voor kleine kids weer leuk om te leren fietsen in de stad. Ouderen maar ook jongeren irriteren zich vaak aan de scooters op het fietspad die veel ruimte innemen maar ook heel regelmatig te hard rijden.

Laat het alstublieft niet alleen gelden voor drukke fietspaden maar voor ALLE fietspaden.

Andere veelvoorkomende woordcombinaties zijn binnen [de] ring en drukke fietspaden.

Tenslotte heb ik gekeken naar langere woordpatronen (7grams) in reacties. Op die manier kom je erachter dat de scooterverkopers ook hebben geprobeerd om met een standaardtekst de consultatie te beïnvloeden, maar dat gaat vooralsnog om kleine aantallen.

Voor de gegevensverzameling en -analyse heb ik gebruik gemaakt van Python plus o.a. BeautifulSoup en nltk. 181 indieners hebben een pdf-bijlage meegestuurd bij hun reactie; deze heb ik niet geanalyseerd.

Tags: 

Pages