salonanarchist | leunstoelactivist

Амстердам, in kaart gebracht door de Sovjet-Unie

Vijftig jaar lang had de Sovjet-Unie een ambitieus militair programma om grote delen van de wereld in kaart te brengen. Twee verzamelaars, John Davies en Alexander Kent, hebben een fantastisch boek geschreven over de geheime kaarten die werden gemaakt.

In hun boek beschrijven ze vooral kaarten van Amerika en Groot-Brittannië. Hun beschrijvingen zijn zo intrigerend dat ik op zoek ging of er ook een kaart van Amsterdam bestaat. En dat blijkt het geval: op Ebay vond ik een herdruk, aangeboden door de gespecialiseerde Jana Seta Map Shop in Riga.

De kaart bestaat uit vier delen, elk ruim een meter breed en 90cm hoog. In de linkermarge van het vierde kaartblad staat de volgende tekst:

Als ik het goed begrijp bevat deze tekst de volgende informatie: de schaal van de kaart, de naam van de stad, de nummers van de 1:100.000 kaarten waarop de stad te vinden is, het nummer van het kaartblad (4/4), de status van de kaart (GEHEIM) en het jaar waarin hij is uitgegeven.

De kaart lijkt dus te zijn uitgegeven in 1985, maar dat is niet het hele verhaal. Onderaan blad 4 staat de volgende tekst:

Soms werden hier de namen vermeld van de makers van de kaart (vaak vrouwen) maar dat is hier niet het geval. Als ik me niet vergis, staat hier dat de kaart is samengesteld in 1972 en bijgewerkt met materiaal uit 1980. Overigens wordt in de begeleidende tekst ook verwezen naar bevolkingsgegevens uit 1981.

Om te checken hoe recent het materiaal is, heb ik een kaart gemaakt van Amsterdam waarop gebouwen met bouwjaren 1980 en 1981 zijn ingekleurd. Daaruit blijkt dat er in die jaren vooral gebouwd is in het zuidoosten van de stad, voorbij de Bijlmer. Het fragment hieronder laat een gedeelte zien tussen het AMC en de Gaasperplas (klik op de afbeelding om hem in een nieuw scherm te openen).

En ter vergelijking ongeveer hetzelfde gebied, maar dan op de Sovjetkaart.

De meeste gebouwen met bouwjaar 1980 (oranje) en eerder staan op de Sovjetkaart, terwijl gebouwen met bouwjaar 1981 (rood) en later ontbreken. Het lijkt er dus op dat de kaart inderdaad tot en met 1980 is bijgewerkt.

Bij de productie van de kaarten werd gebruik gemaakt van satellietfoto’s, van lokale kaarten en van andere openbare bronnen, soms aangevuld met informatie die ter plekke was verzameld.

Op sommige kaarten staan nieuwe gebouwen maar ontbreken de straatnamen. Waarschijnlijk beschikten de cartografen over recente satellietfoto’s waarop de gebouwen al te zien waren, maar waren er nog geen lokale kaarten beschikbaar waar de nieuwe straatnamen van konden worden overgenomen, aldus Davies en Kent.

Iets vergelijkbaars zou wel eens aan de hand kunnen zijn met de Bijlmerbajes.

De Bijlmerbajes (sinds 2016 een asielzoekerscentrum) werd geopend in 1978. Op de kaart zijn de torens van de gevangenis te zien: ze liggen ten oosten van het spoor, met een gracht ertussen. Een toelichting ontbreekt echter: de enige tekst is de naam van metrostation Spaklerweg. Blijkbaar hadden de makers van de kaart wel beschikking over een recente satellietfoto waarop de torens te zien zijn, maar geen informatie over de functie van de gebouwen.

Of er in 1980 al Nederlandse kaarten bestonden waarop de Bijlmerbajes werd vermeld, weet ik niet. Het Kadaster heeft een handige website met historische kaarten. Daar is een kaart uit 1981 te vinden waarop de Bijlmerbajes wordt aangeduid als gevangenis.

Ten zuiden van het afgebeelde gedeelte, bij het huidige station Duivendrecht, zijn nog wat boerderijen te zien met namen als Ис-Нит-Андерс (’t Is niet anders) en Алтеид-Верк (Altijd werk).

De mooiste onderdelen van de kaart zijn de havens, die zeer gedetailleerd in kaart zijn gebracht. Maar bij wijze van contrast eerst een gedeelte van Schiphol.

De kaarten werkten met een uniforme kleurcodering. Kort door de bocht: groen voor militair / strategisch interessante objecten; paars voor publieke instellingen en zwart voor industrie. Schiphol-Centrum en Schiphol-Oost (vliegtuigonderhoud) zijn aangemerkt als strategisch interessant. Zwarte blokken verwijzen naar de inmiddels gesloten Fokkerfabriek.

Opvallend is dat Schiphol grotendeels ‘leeg’ is. Voor een deel is dit begrijpelijk: een luchthaven bestaat nu eenmaal voor een groot deel uit asfalt en braakliggend terrein. Maar tegelijk lijkt het erop dat de makers niet zoveel informatie hadden over Schiphol. Zo moet er op Schiphol-Oost een depot zijn geweest voor kerosine, die toen nog per binnenvaartschip werd aangevoerd. Als de makers van de kaart daarvan op de hoogte waren geweest, dan hadden ze dat vast vermeld.

En dan nu de havens, om te beginnen een stuk van het Westelijk Havengebied.

Het Westelijk Havengebied vormt één van de grootste benzinehavens ter wereld. De groene objecten suggereren dat de makers van de kaart geïnteresseerd waren in de infrastructuur voor brandstofoverslag.

Hieronder het Oostelijk Havengebied en omgeving.

Er is hier een hoop te zien. Het voormalige marinecomplex op Kattenburg bijvoorbeeld, de driehoek met groene gebouwen met nummer 29. Opmerkelijk is dat het vierkant onder de driehoek ook als strategisch wordt aangemerkt. In het verleden was dit een pakhuis voor de marine, maar sinds 1973 zit hier het Scheepvaartmuseum.

Andere groene objecten zijn de Oranje-Nassaukazerne aan de Sarphatistraat (nummer 30, destijds nog in gebruik door het leger) en het voormalige adres van de Zeevaartschool (nummer 301).

En dan is er nog een groen blokje tussen het Waterlooplein en de Nieuwe Amstelstraat, aangeduid met nummer 5, helemaal links op de foto. Volgens de kaartindex is dit een арсенал ofwel een arsenaal. In zekere zin klopt dit: het gebouw heet Arsenaal. Die naam verwijst ernaar dat het gebouw in het verleden is gebruikt voor wapenopslag, maar in 1946 werd het in gebruik genomen door de Academie van Bouwkunst.

Liefhebbers van details moeten nog even inzoomen op de Czaar Peterstraat. Op de kaarten van het Sovjetleger worden namen fonetisch geschreven, waarbij de lokale uitspraak wordt gevolgd. Dat het hier gaat om een van oorsprong Russische naam verandert daar niets aan: de naam van de tsaar wordt weergegeven als Peter (Петер) en niet als Pjotr (Пётр).

Tenslotte nog een strategische lokatie in de omgeving van het Museumplein.

Op dit fragment zie je onder meer het Amerikaanse Consulaat (nummer 166, een ander gebouw dan waar je het zou verwachten) en een bushalte waar KLM-bussen naar Schiphol vertrokken (nummer 187).

Interessant is nummer 250, naast het Zuiderbad. Dit blok is groen, dus strategisch interessant. De toelichting vermeldt Служба безопасности ofwel security service, aldus Google Translate. Intrigerend. Zou de kaart een onbekende lokatie van de Binnenlandse Veiligheidsdienst onthullen?

Nee dus. Op dat adres zat een voorloper van het Nederlands Instituut voor Arbeidsomstandigheden, inmiddels opgegaan in TNO. In het verleden heette dit het Veiligheidsinstituut. Blijkbaar hebben de makers van de kaart dit opgevat als veiligheidsdienst, en het gebouw daarom aangemerkt als strategisch object.

Bijlage: details over Amsterdam

De stadsplattegronden zijn voorzien van een algemene beschrijving van de stad. Om een idee te geven van wat er in zo’n beschrijving staat, hieronder enkele punten uit de beschrijving van Amsterdam:

  • Door de dijken, rivieren en kanalen en door de zompige grond is het bijna onmogelijk om met voertuigen buiten de wegen te komen.
  • Het vernietigen van waterbouwkundige structuren kan een rampzalige overstroming veroorzaken.
  • Langs de wegen liggen fietspaden met een breedte tot 2m.
  • Alle nederzettingen in de omgeving zijn geëlectrificeerd en voorzien van telefoon, stromend water en gas.
  • Vanuit de lucht is Amsterdam makkelijk te herkennen door zijn grote omvang en zijn positie tussen het IJsselmeer en de Noordzee.
  • In sommige grachten liggen veel drijvende huizen.
  • De metrolijnen hebben een lengte van 18km (waarvan 3,5km ondergronds) en 20 stations (waarvan 5 ondergronds); de afstand tussen ondergrondse stations is 0,8 tot 0,9km, tussen bovengrondse stations 1,1 tot 1,3km.

Daarnaast bevat de tekst gedetailleerde informatie over industrie, onderzoek, bestuur en andere onderwerpen.

Methode

Ik ben ooit begonnen om Russisch te leren, maar veel verder dan я не говорю по-русски kom ik niet. Om het Russisch te ontcijferen heb ik korte teksten overgetypt met het Cyrillisch toetsenbord op m’n iPhone. Langere teksten heb ik gescand met de FineScanner-app, die OCR biedt voor Cyrillisch schrift (dat werkt als de tekst een witte achtergrond heeft, maar niet met teksten die op de kaart zelf zijn afgedrukt). De teksten heb ik vertaald met Google Translate. Het resultaat is niet perfect maar het lijkt behoorlijk goed te werken.

De kaart met gebouwen naar bouwjaar heb ik gemaakt met Qgis en gegevens van Open Street Map, waarin weer gegevens zijn opgenomen van het Kadaster.

Het zou best kunnen dat ik sommige informatie onjuist heb geïnterpreteerd. Als iemand opmerkingen heeft, hoor ik het graag.

John Davies en Alexander J Kent, The Red Atlas: How the Soviet Union Secretly Mapped the World. University of Chicago Press, 2017.

Kaarten van andere Nederlandse steden en detailinformatie vind je hier.

Van vloeken ga je harder fietsen

In een experiment lieten wetenschappers proefpersonen 30 seconden lang op een hometrainer fietsen. Elke drie seconden moesten ze ofwel vloeken, ofwel een neutraal woord uitspreken. Bij het vloeken produceerden ze gemiddeld 429W (met een piek van 570W). In de controlegroep was dat 417W (met een piek van 545W).

Deelnemers in de vloeken-conditie raakten wel sneller vermoeid. Blijkbaar ga je van vloeken wel wat sneller fietsen, maar is het effect van korte duur.

En 429W, is dat veel? Ik zou het niet weten, maar hier zijn wat cijfers om mee te vergelijken. Volgens Cyclist kan de Duitse sprinter André Greipel 30 seconden lang meer dan 1.000W volhouden, terwijl Cyclist’s resident crit racer 600W haalt. En voor wat het waard is, op deze pagina wordt opgeschept over meer dan 900W gedurende 30 seconden.

Terug naar het experiment: met zo’n onderwerp wil je weten hoe het onderzoek is uitgevoerd. Vooral ook wat voor krachttermen (no pun intended) ze hebben gebruikt. Dat vermelden de onderzoekers niet: de deelnemers werd gevraagd welk woord ze zouden gebruiken als ze per ongeluk hun hoofd stoten. In de controleconditie werd ze gevraagd met welk woord ze een tafel zouden omschrijven.

De deelnemers kregen als instructie dat ze niet moesten schreeuwen, maar wel een ‘krachtige en heldere stem’ moesten gebruiken en dat ze tijdens de hele test in het zadel moesten blijven zitten. Tijdens de test werden ze aangemoedigd door de onderzoekers.

Je zou denken dat dit wel een leuk experiment is om aan mee te doen, maar blijkbaar gold dat niet voor iedereen. Van de 35 oorspronkelijke deelnemers vielen er zes af: twee konden het experiment niet afronden, één werd ziek en drie trokken zich terug.

Richard Stephens, David K. Spierer, en Emmanuel Katehis, Effect of swearing on strength and power performance. Psychology of Sport & Exercise 35:111–117. Verschijnt in maart 2018.

Tags: 

IJssalons, kaaswinkels en fietsverhuurders

In het centrum van Amsterdam zitten 177 zaken die zich op toeristen richten en winkels die eten en drinken voor directe consumptie verkopen. Daarbij zitten zeker 23 ijssalons, 24 kaaswinkels en 31 fietsverhuurders, zo blijkt uit een lijst (pdf) die de gemeente onlangs heeft gepubliceerd.

In 2008 waren er volgens de Rekenkamer maar 8 ijswinkels, 9 kaaswinkels en 13 fietsverhuurders. Na een een piek in 2015 lijkt het aantal toeristische voorzieningen enigszins te zijn afgenomen, maar het zou ook kunnen dat de definitie is aangescherpt.

De lijst van de gemeente bevat niet alleen winkels maar ook tacky toeristenattracties. Of, zoals de gemeente het noemt, voorzieningen «die zich richten op de wens van bezoekers tot (smaak)beleving, sensatie en/of (groeps)entertainment, waarbij het eventuele artistieke, historische of educatieve karakter ondergeschikt is en die zich kenmerken door een bedrijfsvoering met winstoogmerk». Het gaat onder meer om het Sexmuseum, Madame Tussaud, verschillende hasjmuseums en BODY WORLDS.

In oktober heeft de gemeente besloten dat er geen nieuwe toeristenwinkels en -voorzieningen worden toegelaten in het centrum. Volgens de gemeente verschraalt het winkelaanbod en staat de leefbaarheid onder druk. Raadsleden Jorrit Nuijens (GroenLinks) en Tiers Bakker (SP) hadden al twee jaar aangedrongen op maatregelen.

UPDATE - bovenstaand artikel is ook verschenen op Nieuws uit Amsterdam en dat heeft een aantal reacties opgeroepen, met name over de inventarisatie die de gemeente heeft gemaakt:

Nel de Jager stelt dat de lijst onvolledig is en verwijst naar het aanbod in de Haarlemmerbuurt.

Zjoerd vraagt zich af waar ‘al die grow- en coffeeshops zijn gebleven’ (mogelijk zijn die niet in de lijst opgenomen omdat er in de bestaande bestemmingsplannen al een beperking was opgenomen ten aanzien van «mini-supermarkten, souvenirwinkels, head-, seed-, grow- en smartshops, alsmede van automatenhallen, geldwisselkantoren, telefoneerinrichtingen en massagesalons»).

Robin Labrijn vraagt zich af wat Il Tramezzino in het lijstje doet en mist flink wat fietsverhuurbedrijven en fastfoodzaken (vermoedelijk zijn fastfoodzaken ook al in de bestaande bestemmingsplannen geregeld).

Rick Lindeman is verbaasd dat fietsverhuurders in deze categorie vallen.

Wellicht later meer hierover.

UPDATE 2, 27 november - De gemeente heeft een uitgebreide toelichting gegeven op de gebruikte criteria en gereageerd op de opmerkingen. Hieronder de letterlijke tekst van de reactie van de gemeente:

Deze detailhandelsvestigingen hebben hun (vaak eenzijdige) assortiment afgestemd op dagjesmensen en toeristen. Onder dagjesmensen en toeristen worden verstaan mensen die niet werken en/of wonen in Amsterdam, maar die als vrijetijdsbesteding gebruikmaken van de recreatieve en toeristische mogelijkheden van de stad, en al dan niet in de stad overnachten. De detailhandelsvestigingen zijn gevestigd in straten waar deze categorie bezoekers veelvuldig aanwezig is. Doorgaans wordt gebruik gemaakt van zeer opvallende, drukke communicatie-uitingen en reclamemiddelen om het assortiment onder de aandacht te brengen. De voertaal is zelden Nederlands. Bezoekers spenderen relatief weinig tijd in de vestigingen en er is dan ook sprake van weinig tot geen klantenbinding.

Een voorbeeld van dergelijke detailhandelsvestigingen is de gespecialiseerde souvenirwinkel die kaas verkoopt. Deze gebruiksvorm is uitgesloten van de definitie van souvenirwinkel en valt in deze nieuwe categorie. Daarnaast zijn ook eetwinkels opgenomen waarvan dit de definitie is «vormen van detailhandel die zich richten op de verkoop van etenswaren en/of drankjes die in hoofdzaak worden meegegeven om direct te worden geconsumeerd». Deze winkels hebben vaak een eenzijdig assortiment dat voornamelijk bestaat uit niet-versbereide producten al dan niet met een hoog suiker- en/of vetgehalte. Deze producten zijn gericht op voorbijgangers en recreanten, die weinig tijd in de winkel spenderen, waardoor sprake is van weinig tot geen klantenbinding. Onder deze categorie vallen onder andere winkels waar in hoofdzaak ijs wordt verkocht, bijvoorbeeld Il Tramezino.

  • Coffeeshops e.d. vallen onder de eerder verboden categorieën, die in postcodegebied 1012 zijn ‘bevroren’. Het betreft smartshops, minisupermarkten, souvenirwinkels, headshops, seedshops, growshops, automatenhallen, geldwisselkantoren, telefoneerinrichtingen en massagesalons.
  • Fietsverhuurders richten zich met hun aanbod volledig op toeristen en/of dagjesmensen en vallen dus in de eerstgenoemde categorie.
  • Het aanbod in de Haarlemmerstraat is bekeken en er zijn winkels uit dat gebied op de lijst opgenomen.
Tags: 

Zijn vakbonden belangrijk? Hangt ervan af aan wie je het vraagt

Een meerderheid van alle werknemers vindt vakbonden belangrijk of zelfs heel belangrijk, meldde het CBS. Maar dat geldt niet voor iedereen: vooral directeuren kunnen de vakbeweging wel missen. Niet echt verassend.

Ik heb de cijfers gecombineerd met een eerder gepubliceerde dataset over de tevredenheid van werknemers met hun salaris. De resultaten zie je hieronder.

Er is een redelijk sterk verband. Algemeen directeuren hebben weinig te klagen over hun inkomen en ze hechten weinig belang aan vakbonden. Schoonmakers zijn minder tevreden over hun salaris en hechten juist veel belang aan vakbonden.

Misschien nog wel interessanter is om te kijken welke beroepsgroepen afwijken van het patroon. Verpleegkundigen lijken solidariteit hoog in het vaandel te hebben: ze zijn redelijk tevreden over hun salaris, maar tegelijk hechten ze veel belang aan vakbonden.

Het tegenovergestelde geldt voor personeelsfunctionarissen. Personeelsfunctionarissen zijn minder tevreden met hun salaris dan verpleegkundigen, maar dat vertaalt zich niet in steun voor de vakbeweging. Misschien denken ze dat hun werk makkelijker zou zijn als werknemers zich niet zouden organiseren.

Bronnen: belang vakbond xlsx, tevreden met salaris xlsx, aantal werknemers xlsx.

Tags: 

Amstelkanaal blijft wrakkenhotspot

Gemeenteraadslid Marianne Poot (VVD) heeft vragen gesteld over wrakken in de Amsterdamse grachten. Sinds ik vijf jaar geleden de bovenstaande wrakkenkaart maakte is er niet zo bar veel veranderd: het aantal bergingen per jaar is misschien iets gedaald, misschien is er een lichte toename van het aandeel wrakken dat door de eigenaar wordt gelicht, stadsdeel Centrum is nog steeds verantwoordelijk voor ongeveer veertig procent van de bergingen en het Amstelkanaal is nog steeds een wrakkenhotspot.

Opmerkelijk is dat de gemeente meldt dat in 2012 niet is geregistreerd of wrakken zijn gelicht door de eigenaar of door Waternet. In 2012 heb ik van Waternet een exceldocument ontvangen waarin dat keurig wordt uitgesplitst voor de periode oktober 2007 tot en met augustus 2012. Plus nog veel meer interessante details.

Tags: 

Pages