Fiets

Shared space

Een stukje van de Amsterdamse De Ruijterkade tussen station en pont wordt shared space: voetgangers en fietsers moeten onderling maar uitmaken wie er voorrang heeft. De eerste reactie die in me opkwam: «kom op mensen, dit is een doorgaande fietsroute en geen speeltuin voor modieuze experimenten».

OK, dat was misschien wat kort door de bocht. Maar op Twitter blijkt dat mensen met verstand van zaken ook hun bedenkingen hebben:

  • Fietsprofessor Marco te Brömmelstroet en voormalig gemeenteraadslid Fjodor Molenaar willen het plan wel een kans geven maar alleen als het fietspad scootervrij wordt gemaakt.
  • Adviseur David Hembrow waarschuwt dat er onnodige ergernis zal ontstaan tussen fietsers en voetgangers. Ook al manoeuvreren fietsers voorzichtig tussen de voetgangers door, dan nog zullen voetgangers zich onveilig voelen en zich ergeren aan de fietsers.
  • Utrechts raadslid Bram Fokke ziet het ook niet zitten: «Doe het niet. Shared space werkt alleen bij overzichtelijke situaties en dan bij (zeer) spaarzaam gebruik».

De De Ruijterkade is niet zomaar een fietsroute. Het is een belangrijke verbinding tussen Oost en West en één van de drukste fietsroutes van Amsterdam. Op werkdagen rijden (pdf) er tijdens de avondspits meer dan 2.400 fietsers (dat zou overigens neerkomen op gemiddeld tenminste één fiets per 3 seconden; ik neem aan dat het er regelmatig een stuk meer zijn).

Niet voor niets is de De Ruijterkade tien jaar geleden al opgenomen in het Hoofdnet Fiets. Dat betekent dat er kwaliteitscriteria (pdf) gelden: je moet er bijvoorbeeld snel kunnen fietsen (nou ja, gemiddeld 12 tot 15 km/u) en er moet ruimte zijn om andere fietsers in te halen. Ik heb niet de indruk dat deze criteria leidend zijn geweest bij het nieuwe ontwerp.

Misschien valt het in de praktijk allemaal mee. Het gaat tenslotte maar om een korte onderbreking van het fietspad. Maar het valt te hopen dat de gemeente een vinger aan de pols houdt, ook als het gaat om de doorstroming van fietsers. En dat ze de boel weer terugdraaien als blijkt dat het gewoon niet werkt.

Update - Eric Plankeel wijst erop dat de situatie extra ingewikkeld wordt door de nieuwe tunnel onder het spoor voor fietsers en voetgangers, die uitkomt op de shared space en dit najaar wordt geopend.

Aangezien ik aanvankelijk dacht dat de opmerking over overstekende voetgangers ging, heb ik die cijfers ook nog even opgezocht. De GVB-ponten bij het station zetten op een werkdag gemiddeld zo’n 40.000 mensen over het IJ, waarvan 20 tot 40% voetgangers, met een flinke piek tijdens de ochtend- en avondspits. Dat worden er nog meer door woningbouw en groei van de werkgelegenheid in Noord.

Al met al kan je je inderdaad afvragen hoe realistisch de artist’s impression is.

Update 2 - Inmiddels is er ook een petitie voor een groene golf in plaats van shared space.


Shared space: het besluit

Via het raadsarchief valt te achterhalen dat het voorlopig ontwerp voor het Stationseiland in 2012 naar de raad is gestuurd (door wethouder Eric Wiebes?). In de bijlagen wordt de shared space aangekondigd (onder het motto de chaos als uitgangspunt nemen) en valt te lezen dat er ook nog plannen zijn om ribbels in het fietspad aan te brengen die zorgen voor een «rammelend effect» (heel fijn). Van verschillende kanten zijn destijds vraagtekens geplaatst.

Bij de bespreking in commissie en raad is de shared space niet aan de orde geweest. Misschien vonden raadsleden een prima idee, of misschien vonden ze andere aspecten (geen scooters in de tunnel onder het station) op dat moment belangrijker. Hoe dan ook, het voorlopig ontwerp is met algemene stemmen aangenomen.

Dat verklaart wellicht waarom raadsleden zich momenteel nauwelijks lijken te mengen in de discussie over het plan (met Jan-Bert Vroege als uitzondering): je kan moeilijk kritiek leveren op een plan waar je partij eerder mee heeft ingestemd. Mocht de nieuwe inrichting onverhoopt voor chaos zorgen of de doorstroming van fietsers frustreren, dan verandert de zaak natuurlijk.

Voor de volledigheid nog even de relevante passage uit het Ontwerpboek (een bijlage bij de voordracht die in 2012 naar de gemeenteraad is gestuurd):

Het gebied bij de aanlanding van de ponten is een druk knooppunt. Het grootste deel van de voetgangers en fietsers in dit gebied heeft de pont als bestemming. Voetgangers en fietsers komen hier in een soort golfbeweging in grote groepen van de ponten. Ze bewegen door elkaar en zullen elkaar hinderen op hun eigen toegewezen verkeersareaal.
Gekozen is om juist de chaos in het gebied als uitgangspunt te nemen en daarom te kiezen voor een inrichting conform de zogenaamde ‘shared space’ principes. Door zo min mogelijk het verkeer te regelen of te scheiden maar juist te mengen houden verkeersdeelnemers meer rekening met elkaar.
Het voorstel is om het gebied rond de pontaanlanding vorm te geven als een pleinachtige ruimte waar voetgangers en fietsers gezamenlijk gebruik van maken. De fietspaden houden dan ook voor dit plein op. Wel kan door middel van een lichte markering of aangepaste bestrating een route aangegeven worden voor de fietsers.
Om te voorkomen dat fietsers en brommers met teveel snelheid het gebied doorkruisen wordt gezocht naar een bestrating welke voor voetgangers goed te belopen is maar waarbij het voor fietsers en brommers vervelend is om snel over heen te gaan. Bijvoorbeeld door stroken afwijkende bestrating toe te passen die een ‘rammelend effect’ zullen hebben. Dit zal in de volgende fase van het project verder uitgewerkt worden.

Patterns in Tour de France excitement

I wrote two posts on patterns in Tour de France excitement, as measured by the ratio of #tdf tweets containing an exclamation mark. Since I published them, I’ve done some more data cleaning, most notably filtering out some marketing tweets. As a result, some of the weirder patterns have disappeared. Here’s a rewrite of the findings.

Hour of the day

Many stages show a peak in enthusiasm towards the end of the afternoon, when the riders finish. In some of the cases where such a peak is lacking, there appears to be a logical explanation. The most obvious examples are the rest days on 13 and 21 July. And the first stage was an individual time trial so there was not just one finish time.

In some cases, the pattern may be less pronounced because the winner had been riding ahead of the rest for some time before finishing (e.g. Simon Geschke in stage 17; Vincenzo Nibali in stage 19).

Language

The chart shows how Tour de France excitement developed over time, by language. Overall, exitement was high at the start of the tour, but then it declined, reaching a low on the first rest day. After the rest day, excitement started high again and then declined somewhat. After the second rest day, it started high again, but then it didn’t decline - presumably because the Tour had gotten a bit more interesting (thank you Nairo Quintana and Vincenzo Nibali).

There’s often a peak in excitement in tweets in a particular language on days when the stage is won by a rider speaking that language. For example, there are peaks in German-language tweets on the days Tony Martin and Simon Geschke won the stage. As one might expect, the pattern is less pronounced for languages used by people from many different countries, such as English.

The pattern for French-language tweets is a bit intriguing. Starting around Quatorze Juillet there’s a substantial peak. It doesn’t seem to be associated with specific riders or incidents.

And for some reason, the stage wins by André Greipel don’t appear to have impressed the Germans much.

Method

Using the Twitter API, I collected between 300,000 and 400,000 tweets containing the hashtag #tdf. Since the initial version of the analysis, I’ve made a few changes. For one thing, I excluded retweets, which seemed to yield somewhat more robust results. Also, I filtered out some silly marketing accounts (this and this). The latter adaptation didn’t make much difference for the total number of tweets included but did make a difference for the pattern on specific days.

Pages