Fiets

Snelle fietsroutes

Min of meer toevallig stuitte ik op de fantastische website Doorgaande fietsroutes Nederland. Op deze site worden fietsroutes beschreven, beoordeeld en zo nu en dan van cynisch commentaar voorzien aan de hand van de volgende criteria:

  • Altijd voorrang
  • Geen obstakels waarvoor je af moet remmen, dus ook vloeiende bochten
  • Asfalt
  • Bewegwijzering (leesbaar bij hoge snelheden)
  • Hoe lang is de route in verhouding tot de afstand hemelsbreed
  • Autovrij, geen brommers
  • Bonuspunten voor goede fietsroutes in stedelijk gebied

Kortom, het gaat hier niet per se om toeristische routes maar om routes waar je lekker door kan fietsen. Wat de beheerder van de site betreft zouden alle steden met meer dan 50.000 inwoners verbonden moeten worden door een netwerk van fietspaden die aan deze criteria voldoen. Teveel gevraagd? Hij (of zij) wijst erop dat automobilisten die luxe al sinds de jaren veertig hebben.

Ondertussen staan er op de site 16 routes die dan wel niet de volle 100 punten verdienen, maar die toch enigszins in de buurt komen. De route tussen Amsterdam West en Amsterdam Oost ken ik vrij goed en de beschrijving snijdt hout (op de racefiets rij ik persoonlijk liever een stukje om om de Haarlemmerstraat te vermijden, maar daar komt misschien een oplossing voor).

Ik heb ook de route Amsterdam – Breukelen (langs het Amsterdam-Rijnkanaal) uitgeprobeerd. De website veronderstelt dat er slechts sporadisch auto’s rijden. Dan heb ik pech gehad, want ik trof een aantal automobilisten met een nogal asociale rijstijl. Verder een prima route.

Plek voor 50.000 fietsen in Amsterdam Centrum

Een van de grootste ergernissen van fietsers in Amsterdam is het tekort aan plekken om je fiets neer te zetten, vooral in het centrum. De bovenstaande kaart laat zien waar wel plek is. Maak je geen illusie dat je elk fietsenrek kan onderscheiden: er zijn totaal ruim 14.000 beugels, nietjes, parkeervakken, rekken en stallingen met plek voor bijna 50.000 fietsen. Maar ook al zie je niet elk fietsnietje, je ziet wel wat er niet is. Dat er geen fietsenrekken zijn in Artis en op het Marineterrein op Kattenburg is geen verrassing, maar dat er vrijwel geen fietsenrekken zijn in het gebied rond Kalverstraat en Nieuwendijk is eigenlijk wel raar (er zijn een paar fietsvakken op het Rokin, maar daar kan je je fiets niet vastmaken).

Om die 50.000 fietsparkeerplekken nog even in perspectief te plaatsen: stadsdeel Centrum heeft bijna 85.000 inwoners, maar daarnaast natuurlijk veel bezoekers uit de rest van de stad.

De gegevens (csv) over fietsenrekken heb ik gevonden via de open data website van de gemeente Amsterdam, via Apps for Amsterdam. Mooi trouwens dat stadsdeel Centrum deze gegevens beschikbaar heeft gesteld (als uitvloeisel hiervan?), misschien ook een idee voor andere stadsdelen.

Summary: 

There are some 14,000 bicycle parking facilities with room for 50,000 bicycles in the city centre of Amsterdam, but almost no places to park your bicycle near Kalverstraat and Nieuwendijk.

Nieuw fietsmagazine

Deze maand verscheen het nieuwe fietsmagazine Soigneur. Het voelt een beetje als een pretentieuze glossy, maar er staan leuke dingen in. Zoals een reportage met de RadioShack-Nissanploeg op training op Mallorca in januari, waar op dat moment geen toerist te bekennen valt. Ze zitten tussen de Duitse bejaarden, die geen idee hebben met wie ze in de rij staan voor het avondeten, en het onvermoeibare animatieteam. De renners laten niet veel los, maar het is wel duidelijk dat het overlijden van Wouter Weylandt in de Giro vorig jaar indruk heeft gemaakt. “Hij is er in de verhalen van de renners, die nu minder zeker op de fiets stappen, omdat ze nog bijna elke dag denken aan wat er is gebeurd.”

Dan is er de ‘ode in bijzaken’ aan Eddy Merckx, een verzameling reclamemateriaal met zijn foto erop (deze postzegel haalde de papieren editie niet). En een serie foto’s van klassieke Nederlandse racefietsen, waaronder een Germi (‘samenvoeging van de namen Gerrit, de bouwer, en Mien, zijn vrouw’) en een hele mooie Gazelle Champion Mondial AA (zoiets, maar dan in het blauw).

Fietshelm

De Fietsersbond zet hier nog eens op een rijtje waarom het promoten van de fietshelm niet zo’n goed idee is. Een overtuigend verhaal, maar één van de argumenten intrigeert me: dat helmen ontworpen zijn voor snelheden tot 20 km per uur en dat ze bij hogere snelheden veel minder effect hebben. Dat suggereert dat een helm op de racefiets niet zoveel zin heeft. Het lijkt me raar dat al die professionele wielrenners dus voor niks een helm dragen.

Peter Winnen schreef van de week in NRC Handelsblad dat er dit seizoen al meer dan dertig renners ‘met breuken van het asfalt [zijn] geraapt’. Hij wijt dit voor een deel aan de illusie van veiligheid die ze ontlenen aan een trendy talisman, de ‘MyKnoaky’, en maakt een vergelijking met de fietshelm:

Ik heb de periode meegemaakt dat het peloton van helmloos overging op de pothelm. Wat een veilig ding was dat, zeg. Maar als een afstandelijke observator nam ik vreemde dingen waar in mijn binnenste. Daar ontwaakte een duiveltje dat dingen zei als: er mag nu best wat scherper gekoerst worden. Wat ik ook deed. Vanaf toen raakte ik wat vaker met mijn hoofd de grond. Ook omdat die pot in de weg zat bij het ‘afrollen’ tijdens de val.

Vooralsnog blijf ik toch maar een helm dragen op de racefiets. En probeer ik een beetje voorzichtig te doen.

Summary: 

Promoting bicycle helmets is not such a good idea, but some even seem to suggest there’s no point in wearing a helmet on a racing bicycle. I’ll keep on wearing one when I’m riding my racer, though.

Pages