Amsterdam

American norms require more space for car than for bedroom. How about Amsterdam?

«Odds are, your bedroom is smaller than your car’s: your city nearly requires it to be», this infographic explains (via Herbert Tiemens). Perhaps so in the US or Canada - but how about Amsterdam?

  • According to national regulations (see p.152), a residence area - which may coincide with or comprise a bedroom - must be at least 5 m2. This is not to say bedrooms are usually that size; it’s a minimum. For example, many bedrooms in the new Oostpoort project in Amsterdam Oost are 9.5 m2, 11 m2 or larger (these examples regard houses that are not in the ‘affordable’ category).
  • For new houses, the Amsterdam West district requires 0.6 parking spaces per house if it’s affordable housing and 0.8 per house in other cases (where, as the Zuid district puts it, «it may be expected that [households] have a median or high income and own a car»). Parking norms in some other districts are higher, e.g. 0.6/1.1 for the aforementioned Oostpoort project; 0.7/1.0 in Zuid and 1.0/1.3 in Nieuw-West.
  • For guidelines regarding the size of parking spaces, the Amsterdam municipality refers to expertise platform CROW. CROW advises 2.5 x 5 metres or 2.0 x 6 to 7 metres depending on the type of parking space; that amounts to a surface area of between 12 and 14 m2.

This implies that the required space for car parking may vary from 7.2 to 18.2 m2 per new house. Or 1.4 to 3.6 times the minimum size of a bedroom. Of course, most bedrooms will be larger than the minimum 5 m2. That said, your bedroom may very well be smaller than the required car space.

Eerbetoon aan de opstandige fietser

Nooit geweten dat fietskoeriers met fixies en blikjes Grolsch jaarlijks op 4 mei een alternatieve herdenking houden, als eerbetoon aan hun voorgangers die actief waren tijdens de bezetting. Pete Jordan schrijft erover in zijn boek De Fietsrepubliek. De herdenking vindt plaats bij een klein monument bij de Martelaarsgracht, waarop staat:

Op deze plek werd op 4 mei 1945 de laatste koerierster uit het verzet, Annick van Hardeveld, door de Duitse bezetter vermoord. Zij was 21 jaar oud. Dit teken is een eerbewijs aan allen die streden tegen onrecht en onderdrukking.

De tekst doet denken aan een passage in het vorige boek van Pete Jordan, Dishwasher. In dat boek ging hij op zoek naar de geschiedenis van de bordenwassers. Hij ontdekte dat radicale bordenwassers een voortrekkersrol hebben gespeeld in de Amerikaanse vakbeweging. Als eerbetoon hing hij op verschillende historische locaties vellen papier op met teksten als:

Op deze plek gooide in 1934 bordenwasser Ramon Bolasques de ruiten in van het Waldorf-Astoria tijdens een staking van de bond van culinaire arbeiders.

En:

Op deze plek streden in maart 1972 vijftien bordenwassers voor werknemersrechten door middel van een succesvolle wilde staking. En ík ben ze daar in elk geval dankbaar voor.

De Fietsrepubliek is een eerbetoon aan de Amsterdamse fietser. Van de ‘bezeten rijstijl’ van de fietsjongens die in de jaren dertig bestellingen afleverden voor winkels en wasserettes, tot de organisaties die hebben gestreden voor ons recht om onder het Rijksmuseum door te fietsen. Jordan schrijft over de anarchistische reputatie van fietsers en hoe de autoriteiten keer op keer probeerden om ze te disciplineren; over de fietsende vorsten Wilhelmina en Juliana; de antifietsmaatregelen van de Duitse bezetter; de strijd voor een fietsvriendelijke stad en de geschiedenis van de fietsendiefstal.

Misschien geen onbekende onderwerpen, maar Jordan komt met verassende details en nieuwe inzichten. Zo had ik geen idee dat Wilhelmina – nog net minderjarig – naar de Raad van State is gestapt omdat ze van haar moeder Emma niet mocht fietsen. Of dat het van het einde van de jaren vijftig tot halverwege de jaren zeventig ‘usance’ was bij confrontaties tussen jongeren en de politie om de doppen van fietsbellen af te schroeven en naar de politie te gooien (tip: lees ook de voetnoten in het boek).

Eén van de onderwerpen waar Jordan zijn tanden in heeft gezet is het witte fietsenplan uit 1965. Provo’s wilden duizenden fietsen in de stad zetten die iedereen gratis mocht gebruiken. Toen de eerste witte fietsen door de politie in beslag waren genomen, legden provo’s bloemen neer en verfden ze een fiets wit bij het standbeeld van anarchist Ferdinand Domela Nieuwenhuis bij het Westerpark.

Er hebben hoogstens enkele tientallen witte fietsen in Amsterdam rondgereden, maar in de internationale pers groeide het project uit tot mythische proporties. Volgens sommigen was het witte fietsenplan een fantastische mislukking, volgens anderen juist een groot succes. De succesverhalen werden als legitimatie gebruikt voor talloze imitaties: gele fietsen in Portland, Oregon; paarse fietsen in Spokane, Washington; rode fietsen in Madison, Wisconsin; blauwe fietsen in Victoria, British Columbia; groene fietsen in Tampa, Florida en roze fietsen in Olympia, Washington.

De Fietsrepubliek staat vol met dit soort verhalen. Iedereen die ook maar iets heeft met fietsen of Amsterdam moet dit boek lezen.

Dit artikel verscheen eerder op Amsterdam Centraal.

Pages